Wat Maxime Verhagen gemeen heeft met Barack Obama

Obama is de eerste die “politiek 2.0″ op zo’n grote schaal heeft ingezet tijdens een verkiezingscampagne. Maar is hij de enige? Hoe ver zijn we in Europa met social politics?

Lezers van dit blog zijn inmiddels enigszins bekend met het geheim van social media in de verkiezingen van Obama. David Nieborg schreef over de rol van Facebook in de Amerikaanse verkiezingen en gaf een analyse van Mybarackobama.com.
De geleerde lessen uit de Obama verkiezingen zijn interessant voor iedere politieke organisatie en belangengroepering. Dichter bij huis zijn er politici die op beperkte schaal sociale media inzetten. Waarom? Om dichter bij de kiezer te staan, om gevoel te houden bij wat er leeft en om inzicht te geven in wat je als politicus en als mens meemaakt.

Eerst even dit: wat zijn de lessen die we uit de Obama campagne kunnen trekken?

- Delegeer verantwoordelijkheden laag in de organisatie
De Obama campagneleiding heeft heel veel vrijheid gegeven aan enthousiaste aanhangers om zelf hun eigen campagne op te zetten. De echte “bottomup” organisatie met een beperkte sturing is een voorwaarde voor succesvolle inzet van social networks, blijkt uit onderzoek. Een klassieke aanpak met een centraal geleide en controlerende organisatie zou niet op deze schaal gewerkt hebben. Eigenlijk moet een democratie altijd bottomup moeten werken.

- Faciliteer de ambassadeurs, faciliteer het gesprek
Punt 1 in het succes van Obama is natuurlijk dat de boodschap uniek en aansprekend is. Uiteraard is het zo dat de tijdgeest, de juiste man op de juiste plaats, de aansprekende ideologie de voornaamste reden is dat Barack Obama de amerikaanse verkiezingen gewonnen heeft.  Dat gezegd hebbende, is de Obama campagne ook zo succesvol geweest omdat de gezaghebbende “influencers” optimaal gefaciliteerd werden om de boodschap door te geven in sociale media.

Er zijn nog veel meer dingen die we kunnen leren van Obama, kijk hiervoor ook eens bij deze post van Menno van Doorn op Frankwatching.

Kan dit ook in Nederland?

Voor nu de interessante vraag:  kan dit ook in Nederland? Het eerste project waar wij mee bezig zijn voor een politieke organisatie is het opzetten van een netwerk voor het FVNO, een denktank en belangenorganisatie van officieren bij de krijgsmacht, waarbij de FVNO onze opdrachtgever is. Dat is enorm leuk en leerzaam traject, ook voor ons, onder meer omdat over crowdsourcing in belangenorganisaties gaat; met zijn allen weet en kun je meer dan alleen.

Maxime Verhagen goes social

Maar hoe zit het met politici? De eerste die mij is opgevallen als actieve social media politicus in Nederland is Maxime Verhagen. Hij doet dit op meerdere gebieden.  Allereerst Twitter.

Wat is Twitter?

Twitter (www.twitter.com) is een plek waar je vertelt wat je doet en wat je bezighoudt. In een update van maximaal 140 karakters (een “tweet”), eventueel voorzien van een foto of hyperlink, deel je met jouw “followers” wat je op dat moment doet of wat je bezighoudt. In het grotere geheel van social media is Twitter een goed voorbeeld van microblogging. Het is ook relevant omdat je tweets kunt laten binnenlopen in andere sociale netwerken zoals Hyves en Facebook. Handig, want dan hoef je niet iedere keer naar ieder netwerk toe om je “wie wat waar” (Hyves) of “what are you doing” veld (Facebook) in te vullen.

In Maxime Verhagen’s Twitter heb ik de afgelopen weken gevolgd hoe hij zijn kerstvakantie onderbrak om met de EU ministers van buitenlandse zaken spoedoverleg over de situatie in Gaza te voeren. Als je dat van de man zelf verneemt, krijg je toch het gevoel dat het leven van een politicus niet over rozen gaat. Hij geeft ook best vaak een inhoudelijke mening en uit de foto’s blijkt ook dat hij echt zelf aan de toetsen zit. Tot nu toe zijn er een kleine 3.000 mensen die dit volgen.

De politicus laat zichzelf dus authentiek en transparant zien en bypassed eigenlijk alle klassieke en gekanaliseerde media waarlangs hij normaal met de kiezer zou communiceren: kranten, opinieweekbladen en TV-programma’s. Daarin kan hij zich alleen laten zien in een beperkt timeframe en is altijd afhankelijk van de invullingen en invalshoeken die de redactie kiest. Een goede zet, want authenticiteit en transparantie zijn waarden die de politiek in Nederland juist erg mist.

maxime_verhagen_twitter 

Al met al een enorm verschil met het gevoel wat ik krijg als ik deze minister opzoek op de site regering.nl Jammer dat daar nog geen linkje staat naar de Maxime 2.0. Dat verraadt nog een beetje dat social media activiteiten worden gezien als een experiment.

Andere leuke vorm is de “Hier is Minister Verhagen” website, waarin je permanent kunt zien waar Minister Verhagen zich bevindt op basis van Google Earth, zoals hieronder op het vliegveld van Kuala Lumpur onderweg van Australie naar Frankfurt (dat weet ik door “geweest” en “straks” aan te klikken).

Hier is nu minister verhagen

Ik weet nog niet of ik door Tweets achter te laten echt invloed heb op hoe minister Verhagen zijn Midden Oosten beleid vorm geeft. Maar het biedt me meer kans dan voorheen, er is een dialoog opgezet.

De politieke machine van Segolene Royal

In 2006 was het de franse uitdager voor de nominatie voor het presidentschap vanuit de  Parti Socialiste, Segolene Royal, die als eerste een echte social strategy had om haar achterban te betrekken bij de ontwikkeling van het beleid. Via haar website “Desirs d’avenir” (vrij vertaald Toekomstdromen) werden meer dan 400 online “Segolene clubs” opgericht en worden met talloze blogs een forum ideeen gegenereerd om Frankrijk een beter land te maken voor haar burgers. De term “participatory election campaign” valt veelvuldig in de engelstalige reviews van haar campagne.

desirs_davenirs_segolene_royal
Belangrijkste element van “crowdsourcing” in haar campagne was dat de ideeen die in de diverse online communities werden geopperd, in haar verkiezingsprogramma en plannen verwerkt waren. In een artikel in Der Spiegel uit 2007 wordt de campagne organisatie van Segolene Royal verder belicht.

Wat opvalt bij een blik op haar site, is dat de blogs nog steeds actief zijn (voor wie de afgelopen 2 jaar op vakantie was: ze heeft verloren, maar is politiek nog steeds een belangrijke speler) en dat ze ook aanwezig was bij de inauguratie van Barack Oboma, waarover ze schrijft. Het gebruik van social tool Flickr, het foto-upload-en-deel-met-de-wereld-instrument bij uitstek, laat ook zien dat er over nagedacht wordt hoe je je ambassadeurs kunt faciliteren.
Anyway, dit was in 2006. De fransen waren er dus vroeg bij. Het is mij niet bekend wat er mis is gegaan bij de verkiezing van Segolene  by the way. Wel weet ik dat ze het in 2012 weer wil proberen.

Royal claimt overigens dat Obama haar idee gebruikt heeft. In het FD wordt een interview geciteerd: ‘Adviseurs van Obama hebben mijn idee gebruikt dat de burger de beste expert is, hij heeft zelfs slogans gebruikt die vergelijkbaar zijn met die van mij.’ Misschien is het toch tijd voor een community voor politici die aan crowdsourcing willen doen.

Sociale media en democratie

Het zijn op ons continent voorlopig experimenten met sociale media, maar ook stapjes op het pad van verdere democratisering. Dat klinkt misschien hoogdravend of vergezocht, maar denk eens langer na: waarom spreekt dit mensen aan?

Als je rechtstreeks in contact bent met een politicus, heb je meer inzicht en wellicht ook meer mogelijkheden om als individu invloed te hebben op het beleid. Verder biedt transparantie een beter beeld van politici en van hun programma, plannen en idealen, op een authentieke wijze. Wij als kiezers kunnen nu op eens bijdragen met ideeen en plannen, reacties en aanvullingen. Op die manier kunnen die uren Internet verkennen en het opbouwen van digitale identiteiten nog eens leiden tot een betere wereld.

Duidelijk is wel dat de eerste noodzakelijke voorwaarde voor echt doorslaande verkiezingssuccessen ligt in de boodschap, de ideologie, de persoonlijkheid en de geloofwaardigheid van de politicus en partij. Als die er zijn, vormt de juiste inzet van sociale media een enorme “enabler”, een voldoende voorwaarde voor politieke en maatschappelijke verandering.  Gelijk hebben is een, gelijk krijgen is twee. Het inzetten van social networks en social media, het selecteren en faciliteren van ambassadeurs en het luisteren naar en in dialoog treden met de kiezers heeft een enorme potentie om grote groepen mensen in beweging te brengen. Dat weten we nu van Obama. De vraag is: wie durft het in Nederland zo aan te pakken?

Interessant? Deel het met anderen:
  • Digg
  • del.icio.us
  • Google
  • StumbleUpon
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Pownce
  • Reddit
  • Sphinn
  • Mixx
  • Slashdot
  • Technorati
  • TwitThis
(1 stemmen, gemiddeld: 5.00 )
Loading ... Loading ...
Over deze auteur: Thijs Sprangers is een van de oprichters van KREM (www.krem.nl). Als senior consultant geeft hij strategisch advies aan bedrijven bij het opzetten van social networks en communities. Thijs is verantwoordelijk voor social media projecten bij onder meer PricewaterhouseCoopers, ORMIT, IZZ, Funda en de FD Mediagroep. Vanuit KREM initieerde hij de CSN Conference (www.csnconference2009.com) en CSN Masterclasses (www.krem.nl/masterclass). http://www.linkedin.com/in/sprangers http://twitter.com/Thijs_Sprangers

Comments are closed.